Home » Sjekaliem – Verzoening voor de verkoop van Josef

Sjekaliem – Verzoening voor de verkoop van Josef

(Exodus 30:11-16 – Parasja Shekaliem)

door Rabbi Yehonasan Gefen

“Dit zullen ze geven – iedereen die de volkstelling doorloopt – een halve shekel van de heilige shekel, de shekel is 20 geras, een halve shekel als een deel aan Hashem.”[1]

In Parasja Ki Tisa, instrueert de Tora iedereen om een ​​halve shekel (bekend als machsit hashekel) te geven voor het  gemeenschappelijke offer dat in de Mishkan (Tabernakel) wordt gegeven. Sinds de vernietiging van de Tempel verdienen we het niet langer om deze mitswa te hebben, maar we herinneren het ons elk jaar als we Parasja Shekaliem lezen. Dienovereenkomstig blijven er nog steeds waardevolle lessen die kunnen worden afgeleid uit de machsit-hashekel.

De Midrasj Rabba biedt een verrassende reden voor de mitswa, en in het bijzonder waarom de specifieke waarde van een halve shekel moet worden gegeven. De Midrasj legt uit dat het geven van de halve sjekel dient als verzoening voor de verkoop van Jozef door zijn broers. De broers verkochten Jozef voor twintig zilverstukken. Dit komt overeen met vijf shekel. Tien van de broers verkochten  Jozef, en elk ontving een tiende van deze waarde, waarmee ze elk een halve shekel verdienden. Aangezien elke broeder bij de verkoop een halve shekel verdiende, kregen hun nakomelingen de opdracht een halve shekel als verzoening te geven.[2] De voor de hand liggende vraag die gesteld moet worden is ,wat is het verband tussen het geven van een halve shekel en de verkoop van Jozef?

Om hier antwoord op te kunnen geven, moeten we ons begrip over de verkoop van Jozef vergroten. De broers wisten dat twaalf stammen voorbestemd waren om uit Jacob te komen. Elke stam zou zijn eigen unieke kwaliteiten hebben en ze zouden allemaal samenkomen om samen het Joodse volk als geheel te vormen, waarbij de stammen elkaar zouden aanvullen. De broers besloten dat Jozef zijn recht om deel uit te maken van deze groep had verloren, vanwege, wat zij zagen als, zijn gevaarlijke houding en  gedrag. Daarom geloofden zij dat ze Jozef van de voorbestemde 12 stammen konden verwijderen en er slechts elf over zouden blijven. De chiddush (nieuwigheid) van deze benadering was dat ze van plan waren een van de twaalf stukjes van de puzzel te verwijderen waaruit het Joodse volk zou bestaan. Ze voelden dat ze het zonder Jozefs mogelijke bijdrage aan het Joodse volk konden stellen, en het Joodse volk zonder hem verder kon.

Met dit begrip kunnen we nu uitleggen hoe de mitswa van Shekalim verzoent met de verkoop van Jozef. De commentaren wijzen op de betekenis van het feit dat men een halve shekel  moet geven in plaats van een volledige shekel. Velen leggen uit dat het ons gaat leren over het belang van eenheid onder het Joodse volk door te laten zien dat elke persoon maar ‘een halve persoon’ is wanneer hij zich niet verenigt met de sterke punten van zijn medemens.[3] Men moet niet denken dat men zich kan scheiden van zijn mede-joden en onaangetast kan blijven. Een persoon met deze houding zal onvolledig zijn. Op deze manier kan de mitswa van het geven van een halve shekel dienen als  verzoening voor de verkoop van Jozef. Jozefs broers dachten dat ze het prima konden redden zonder Jozefs bijdrage aan het Joodse volk. Hun fout was, dat zelfs als ze dachten dat hij een fout maakte, hij nog steeds een essentieel onderdeel van het Joodse volk was. Door een halve sjekel te geven, herinneren we ons eraan dat dit niet de juiste houding is – alle joden maken deel uit van een verenigd geheel en iedereen moet zich verenigen met zijn medemens.

Dit idee strekt zich zelfs uit tot mensen die zich niet op de meest optimale manier gedragen. Kort na de mitswa van het geven van een halve shekel, beveelt God ons om een ​​aantal kruiden te  combineren om de wierook te maken. Een daarvan is de chelbanah, waarvan de Wijzen ons vertellen dat het een vies ruikende geur heeft. Waarom zit het dan in de ingrediënten voor de wierook? De Talmoed legt uit dat elk gemeenschappelijk vasten dat geen zondaars omvat, niet als een echt vasten wordt beschouwd.[4] Rav Chaim Shmuelevitz legt uit dat wanneer het Joodse volk niet verenigd is, ze niet als één eenheid wordt beschouwd en dat daarom de macht van de gemeenschap drastisch verzwakt is.[5]

De Bostoner Rebbe belichaamde de houding dat elke jood met respect moet worden behandeld, ongeacht zijn religieuze overtuiging. Zijn begrafenis getuigde hiervan door het feit dat er talloze mensen aanwezig waren die niet als gewone Bostoner Chassidiem zouden worden geclassificeerd. Hij drukte zijn houding op dit gebied kort uit: Hij zei: “Wanneer mensen proberen de ene groep van de andere te scheiden, maakt dat deel uit van de ‘Tora’ van sinat Yisra’el (haat tegen Joden). Iedereen kan verbeteren. Elke groep kan verbeteren. Maar het betekent niet dat deze mensen zwart gemaakt moeten worden, omdat sommige mensen denken dat ze niet precies zijn zoals ze zij … “[6]

We hebben gezien hoe de Midrasj, die het gedeelte van de verkoop van Jozef verbindt met de mitswa van het geven van een halve shekel, ons leert dat we ons moeten realiseren dat we nooit andere joden zwart mogen maken, ongeacht wie ze zijn. Mogen we het allemaal verdienen om te leren van de woorden van de Bostoner Rebbe en dat we zijn daden mogen evenaren in het streven om alle joden te verenigen.

Rabbijn Yehonasan Gefen

Besef dat een vertaling altijd een vertaling is, daarom ook de verwijzing naar het origineel: The Guiding Light Parshat Parshat Shekalim: Atonement for the Sale of Joesph (aish.com)

Opmerking van Angelique;  wat leren wij hiervan?

Eenheid is denk ik één van de moeilijkste dingen die er is. Want hoe gemakkelijk is het om verschillen te benadrukken, waarbij de “ander” het natuurlijk fout doet en “jij” het natuurlijk goed. Als ik kijk naar de kleine groep bnei Noach in Nederland dan doet het mij oprecht pijn dat we daarin blijkbaar geen eenheid kunnen scheppen omdat we op essentiële punten verschillende rabbijnse leringen volgen. Mijn grootste hoop is dan ook dat deze grote rabbijnen op een dag bij elkaar gaan zitten en één duidelijke leer naar buiten brengen voor bnei Noach zodat er binnen zo’n klein groep mensen die toch allen zoeken naar wegen om HaShem oprecht en goed te dienen éénheid komt. Tot dat moment moeten we vooral proberen om elkaar te respecteren. Maar daarbij wel bij The Divine Code blijven en geen water bij de wijn doen….en tsja…daar zit dan gelijk de nekslag…want hoe krijg je dan eenheid?


[1] Ki Sisa, 30:13

[2] Bereishit Rabba, 84:17. Met commentaar van ‘Matnot Kehunah’. Men zou kunnen vragen dat volgens deze redenering de afstammelingen van Jozef en Benjamin (die niet bij de verkoop betrokken waren) zouden moeten worden vrijgesteld van deze Mitzva. Het lijkt erop dat er andere redenen zijn voor de Mitzva van Shekalim die elke man verplichten om het te geven, maar het bedrag van een halve shekel wordt bepaald door de berekening gemaakt door de Midrasj

[3] Zie Tallelei Orot, Shemot, chelek 2, blz. 202 in de naam van de Chida, en beshem amroo, Shemot, Ki Tisa, 30:13 in de naam van Arvei Hanachal (auteur van Levushei Srad op Sjoelchan Aroech).

[4] Krisus, 6b

[5] Sichot Mussar, Maamer 54 blz. 231

[6] Geciteerd in Mishpacha Magazine, Issue 287, 22 Kislev, 5770, blz. 41

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *