Home » Ki-Tavo – De bron van ware vreugde

Ki-Tavo – De bron van ware vreugde

De bron van ware vreugde

Ki Tavo (Devarim 26:1-29:8)

Door Rabbi Yehonasan Gefen

Een groot deel van het Tora-gedeelte van deze week schetst de verwoestende straffen die het Joodse volk zouden treffen als ze de Tora niet zouden volgen. Te midden van de berisping geeft de Tora ons een dieper inzicht in de oorzaak van alle hier opgesomde verschrikkelijke straffen; “Omdat je Hasjem, je God, niet met vreugde en goedheid van hart hebt gediend, vanuit rov kol (de overvloed van alles).”[1] De eenvoudige opvatting van dit vers is dat het Joodse volk de mitswot niet met vreugde vervulde ondanks het feit dat ze gezegend waren met de overvloed van alles.[2]

De Arizal legt het vers volgens de Kabbalah op een iets andere manier uit. Hij zegt dat de Tora zegt dat we mitswot met een zekere mate met vreugde hebben uitgevoerd, maar onze grootste vreugde kwam niet voort uit het naleven van de Tora, maar uit de vreugde van ‘rov kol’ die verwijst naar alle andere bronnen van geluk.[3] God vertelt het Joodse volk dus dat de vreugde van Avodat Hashem (God dienen) veel groter moet zijn dan het plezier dat voortkomt uit andere inspanningen. Dit is een les die van groot belang is voor Rosj Hasjana: De belangrijkste dienst van Rosj Hasjana is om God Koning te maken. Een belangrijk aspect hiervan is te erkennen dat God de enige bron van betekenis is, alle andere ‘bronnen’ van plezier zijn zinloos. Dit is ook een voorwaarde voor het proces van teshuva (berouw) dat leidt tot Yom Kippur. Want als iemands verlangens niet puur gericht zijn op het dienen van God, dan zal hij het bijna onmogelijk vinden om zonde te vermijden. Er zullen tijden zijn dat zijn verlangens botsen met Gods wil en zijn dienst aan God onvermijdelijk zal lijden. Dus elke teshuva die hij op Yom Kippur doet, zal bezoedeld worden door zijn kijk op het leven – dat God niet de enige bron van ware betekenis en vreugde is.

Het is belangrijk op te merken dat zelfs als iemand op de een of andere manier vermijdt om te zondigen terwijl hij zijn andere verlangens nastreeft, hij nog steeds met onaangename gevolgen te maken zal krijgen. Rav Yissochor Frand[4] vertelt een angstaanjagend verhaal dat dit punt illustreert. De Chiddushei Harim reisde ooit met een man op zijn koets die werd voortgetrokken door twee paarden. Na een paar kilometer stierf een van de paarden, wat de eigenaar veel leed veroorzaakte. Een paar kilometer later stierf ook het andere paard. De eigenaar was zo bedroefd over het verlies van zijn paarden die zoveel voor hem betekenden dat hij lange tijd zat te huilen totdat hij zo veel huilde dat hij stierf. Die nacht had de Chiddushei Harim een ​​droom; in die droom zag hij dat de man die gestorven was, Olam Haba (de volgende wereld) ontving. Maar wat was zijn Olam Haba? Een mooie koets met twee prachtige paarden. Dit verhaal leert ons dat onze Olam Haba is gemaakt door wat we waarderen in Olam Hazeh (deze wereld) – voor deze man was het belangrijkste in zijn leven zijn paarden en koets, daarom was dat wat hij voor de eeuwigheid kreeg.

Men kan zich afvragen of het voor een persoon nu zo heel erg is om in Olam Haba te ontvangen wat hij zo koestert in Olam Hazeh. Rav Frand beantwoordt deze vraag. Hij zegt dat hij als klein kind altijd al een katapult wilde hebben om mee te spelen, maar zijn ouders weigerden. Stel je voor dat zijn ouders op het moment van zijn huwelijk naar hem toe zouden komen en zouden zeggen: “Hier is de katapult die je altijd al wilde hebben!” Als kind was de katapult waardevol voor hem, maar nu is hij eruit gegroeid. Zo kunnen we er ook naar streven om verschillende genoegens in Olam Hazeh te verwerven, zoals geld of eer, in de overtuiging dat ze ons tevredenheid zullen schenken. Maar wanneer we in Olam Haba aankomen, zullen we de waarheid zien van de woorden van Rabbi Moshe Chaim Luzatto in Path of the Just: “al het andere [behalve de nabijheid tot God] waarvan mensen denken dat het goed is, is niets anders dan leegte.”[5] In de volgende wereld zullen we volkomen duidelijk zien hoe zinloos de dingen zijn waar we zoveel energie in steken om in deze wereld te verwerven.

De berisping van Ki Savo is een grimmige herinnering dat het niet genoeg is om alleen de mitswot in acht te nemen, maar dat het de enige drijvende kracht in ons leven moet zijn. Eer, macht, geld, voedsel en elk ander ‘plezier’ zijn allemaal illusoire bronnen van betekenis – God Koning maken betekent beseffen dat Hij de enige bron van waar geluk is.

Rabbijn Yehonasan Gefen

Besef dat een vertaling altijd een vertaling is, daarom ook de verwijzing naar het origineel: The Guiding Light Parshat Ki Tavo: The True Source of Joy (aish.com)

Opmerkingen van Angelique; wat leren wij hiervan?

Voor Noachieden geldt deze les natuurlijk op dezelfde manier. Ook wij moeten onze mitsvot doen. En niet omdat ons dat wat oplevert, maar omdat de mitswa op zichzelf ons de vreugde geeft dat we de Eeuwige En moge dienen op de Wijze die Hij graag wil. Als je ervaart dat alles in het leven, ook datgene wat ogenschijnlijk negatief lijkt – van Hem komt dan ben je gezegend met een diepe rust en vreugde. Vanuit die rust en vreugde komt dan het willen doen van de mitswot haast vanzelf, want hoe zou een mens de liefde die hij weet van de Eeuwige kunnen negeren.

Een prachtig idee dat alles wat we nu belangrijk vinden in het leven, ons aandeel zal zijn in de toekomstige wereld. Want één ding weet ik heel erg zeker, dat alles wat ik hier zou willen leren van Tenach, wat ik zou willen begrijpen, wat ik zou willen uitzoeken, wat ik als gevolg daarvan zou willen doen, mij de tijd ontbreekt. Wat een heerlijke gedachte om daar dan gewoon mee door te kunnen gaan.


[1] Ki Savo, 28:47.

[2] See Rashi en Gur Aryeh.

[3] Deze Arizal werd door Rav Yissochor Frand geciteerd “shlit”a

[4] Tape: Vier vragen voor Yom Kippur.

[5] Path of the Just, hfdst. 1.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.